Het weer





Info

Designed by Cas Hille 2005

Sportviszone

Beschrijving:
Een makreel wordt gemiddeld 66 cm lang.
De voorste rugvin heeft 11 tot 13 slanke stekeltjes en er is een diep ingesneden staartvin. Tussen de rug- en staartvin en tussen de anaalvin en staartvin bevinden zich kleine vinnetjes. Het maximale geregistreerde gewicht is 3400 g , de maximaal vermelde leeftijd is 17 jaar.


Leefwijze:
De makreel is een schoolvis die dicht bij het wateroppervlak zwemt.
In de zomer komen de vissen dichtbij de kust voor en trekken dan naar het noorden.
In de winter bevinden ze zich in diepere wateren. Het voedsel (kreeftachtigen en vissen) worden aan het wateroppervlakte gezocht.
De paarperiode loopt van mei tot juni.


Verspreiding:
Makrelen komen in de zomer heel algemeen voor langs onze kust.
Ze trekken echter ook naar andere gebieden en in de loop van het seizoen kunnen ze enorme afstanden afleggen.
Het is een echte trekvis die in scholen dicht onder het wateroppervlak zwemt. Zo'n school kan wel 200 meter lang zijn.
De makreel is duidelijk gebouwd om snel te zwemmen en snelle prooien te kunnen vangen.
Hij heeft een krachtige staart, gestroomlijnd lichaam en is bijzonder wendbaar: door de ver naar voren staande borstvinnen kan hij snelle korte draaien maken om kleinere vissen te kunnen grijpen.

Hengelmateriaal:
Wanneer men nu eens niet de hoeveelheid vis als prioriteit stelt, maar werkelijk visplezier, dan moet men denken aan een lange spinhengel van een meter of drie.
Als alternatief kan ook een lichte strakke pluggenhengel gebruikt worden.
De hengel moet in staat zijn om een gewicht van 30 tot 40 gram weg te kunnen zetten want je moet er natuurlijk wel een eindje mee kunnen gooien. De makreel is een lange afstandzwemmer en is vrijwel niet moe te krijgen.
In de zomermaanden wordt er veel gevist op deze gestreepte roofridder en men gebruik daarbij een lijn van 0.16 mm dikte.



Lijn:
Wanneer je op makreel vist dan moet je op zijn minst een hoofdlijn nemen van 0.16 mm en een voorslag van een 0.26 mm .
Je moet namelijk altijd rekening houden met de blokken en steenstort.
Vanuit de boot kun je natuurlijk nog dunner omdat de makreel daar niet in contact komt met obstakels.

Iedereen kent de lijnen om van de kant een paar makrelen te vangen. Een staande lijn met drie haken met stukjes vis of met bliek. Om de lijn staande te houden wordt er een drijflichaam boven de paternoster bevestigd, bijvoorbeeld een gependobber of een aantal wijnkurken. Ook kent men natuurlijk de overbekende verenpaternoster.
Wanneer er toevallig een schooltje makreel langs de kant verschijnt, kun je hiermee in korte tijd een flink aantal vissen vangen. In mijn ogen zijn de verenpaternosters alleen goed om in zeer korte tijd een rookzootje of een aantal aasvissen te vangen voor de haaienvisserij.
Van de huurboten kent men voor de makreelvisserij alleen deze verenpaternoster en gaat men voornameljk voor de vis en niet voor de sport.


Aas:
De manier waarop de makreel het meest wordt belaagd, is met behulp van de verenpaternoster.
Dit is een onderlijn met drie tot soms wel 10 haken, versierd met witte of gekleurde veren.
Met de verenpaternoster kun je, tijdens de zomermaanden, vanaf een grote huurboot of vanuit een kleiner bootje makreel vangen. Als er school makreel in de buurt is, vang je er al gauw meer dan je lief is.
In de zomer worden er speciale makrelentochten georganiseerd.
Grote huurboten, volgepakt met makreelvissers varen een eind de zee op, op zoek naar scholen makreel. Als de schipper een school makreel heeft ontdekt, zet hij de motoren uit en kan er gevist worden.

De verenpaternoster is een onderlijn die in de zomermaanden nooit in de viskoffer mag ontbreken.
Ook niet bij de kantvissers. Tijdens het vissen op bijvoorbeeld platvis of paling kan er onverwacht een school makreel in de buurt komen. Een paar makrelen voor ons rokerijtje of de pan is dan toch een welkome aanvulling op de overige vangst?
In de zomermaanden wil er nog weleens een school makreel binnen werpbereik langs de kust zwemmen.
Het enige dat we dan nodig hebben is een verenpaternoster en een paar kurken. Gewone wijnfleskurken voldoen prima. Neem een drie kurken en boor er in de lengte een gaatje doorheen. Er moet een stuk nylonlijn doorheen kunnen van 60/00 of 70/00. Rijg de lijn door de kurken en leg in de uiteinden een lus.
Bevestig aan een van de uiteinden een speldwartel: klaar!

Aan de speldwartel komt de verenpaternoster en aan de lus komt de speldwartel die aan de hoofdlijn of voorslag zit. Onderaan de verenpaternoster komt het werplood, zonder ankers uiteraard.

Wanneer er een school makreel langszwemt, probeer je zo dicht mogelijk in de buurt van die school te gooien. Geef na het inwerpen een beetje lijn, zodat de kurken kunnen stijgen. Dus niet de lijn strakdraaien.
Het werplood lig dan op de bodem en de kurken houden de onderlijn omhoog. De verenpaternoster staat nu min of meer recht in het water. Haal de lijn dan - zeer langzaam - met pompende bewegingen in.

Belangrijk: zorg dat de hoofdlijn sterk genoeg is. Een dikte van 40/00 is echt de ondergrens, maar gebruik nog liever 45/00. Twee of drie makrelen tegelijk aan een paternoster zijn namelijk erg sterk.
Het is niet echt een leuke gedachte als je weet dat er aan de verspeelde verenpaternoster nog een paar makrelen zaten die op die manier aan hun einde moeten komen.


Vis ook met niet meer dan drie haken. Drie vissen tegelijk vangen is echt meer dan genoeg.
Ook bij het kantvissen al valt dit tegenwoordig niet meer mee.

Scomber scombrus


Terug>>