Het weer





Info

Designed by Cas Hille 2005

Sportviszone

Herkenning:
Kleine exemplaren kunnen verward worden met de kolblei. aantal rijen schubben boven de zijlijn, geteld volgens de schuin naar de rugvin gericht pijl, bedraagt 12-14 (de schub op de zijlijn niet meegeteld) ( 1 ). De oogdiameter is kleiner dan de afstand van het oog tot de punt van de bek ( 2 ). De bek is onderstandig en ver uitstulpbaar ( 3 ).

Verspreiding:

Algemeen. komt voor in allerlei watertypen.

Voedsel:

Hoofdzakelijk insectenlarven, kleine kreeftachtigen, dierlijk plankton en worpjes.

Bescherming:

Opgenomen in de Visserijwet.

De brasem is één van de in Nederland meest voorkomende zoetwatervissen. Niet iedereen is in zijn nopjes met deze vis. Vooral het slijm, dat doet het 'm (net niet). Toch is de brasem een enorm goede sportvis. Vang er een paar tijdens een wedstrijd en je dingt zo mee naar de grotere prijzen. Eerst zul je echter moeten leren de brasem te zoeken. Vaak vind je hem in de oeverzone of aan de kant van een plas of sloot. Hij houdt van ondiepe gedeelten, waar je hem kunt 'spotten' door grote modderwolken of opstijgende bellen. De brasem is een echte bodemvis die er van houdt om in de modder te wroeten. Dat doet hij niet voor niets, in de bodem vindt de brasem zijn voedsel als geen ander.

Voedsel:

Het menu van de brasem is niet echt gevarieerd. De brasem voedt zich voornamelijk met muggelarven, watervlooien, dierlijk plankton en wormen. De vis lust echter bijna alles. En bijna alles voldoet dan ook als haakaas. Maden, broodvlokken, mais, noem maar op. Ondanks dat onnatuurlijke voedsel laat hij zich vaak door deze 'delicatessen' verleiden.

DE UITRUSTING:

Wie ving er vroeger, toen je nog klein was, al geen brasems? Ik kan me nog herinneren dat ik mijn hengel voorbij zag zoeven het water in. Ik zat toen op een brasem hotspot en lette even niet op... Een vaste stok, een feederhengel of een winckle picker. Bijna iedere hengel voldoet aan het vissen op deze slijmjurk. Let er wel op dat de brasem na het aanslaan even tegensputtert. Dit is het moment dat je uitrusting de klappen moet kunnen opvangen, want na de eerste klappen laat de brasem zich meestal zonder noemenswaardige tegenstand het net in geleiden. Gebruik daarom een niet al te lichte lijn. Denk, afhankelijk van de soort hengel en uitrusting, aan een lijn van ongeveer 0,14 - 0,18 mm. diameter. De haak behoeft voor de brasem niet al te groot te zijn. Een scherpe haak, nummer 10 - 14, voldoet zeker.

TECHNIEK PEILEN :

Met welke hengel je ook vist, enkele belangrijke onderwerpen moet je niet vergeten. Denk als eerste aan het uitpeilen. Brasem houdt zich, zoals eerder opgemerkt, vaak bij de bodem op. Ondiepe gedeelten zijn favoriet bij deze vis. Als je denk dat je dan altijd dichtbij de kant moet vissen, komt je bedrogen uit. Vaak kun je de grotere brasems een heel stuk uit de kant vangen. Vaak houden ze zich op rond plateau's. Juist peilen kan ervoor zorgen dat je de hele vissessie op de juiste diepte ligt.

MONTAGE :

Een juiste montage van het lood is essentieel voor een goede vangst. Op een geruime hoogte boven de haak monteer je het lood op korte afstand van elkaar. Het laatste, een klein, loodje monteer je net boven de bodem. Het aas en de onderlijn liggen dus op de bodem. Zorgt de wind voor het wegdrijven van je montage, kun je het laatste loodje ook op die wijze monteren dat het ook op de bodem ligt. Daardoor wordt het geheel iets rustiger. Heb je een echte stroming in het water, kies er dan voor om het laatste loodje te voorzien van nog en loodje en zorg dan dat beide loodjes op de bodem liggen. Denk eraan dat je de dobber dan niet geheel uitlood, anders wordt de dobber namelijk door de stroming ondergetrokken.

Brasem-Abramis brama


Terug>>