Sportviszone
![]()

Herkenning:
De baars heeft 2 gescheiden rugvinnen, waarvan de voorste uitsiuitend
harde stekels heeft ( 1 ). Op de achterzijde van de voorste
rugvin bevindt zich een zwarte vlek ( 2 ). Over het lichaam
lopen een aantal verticale, donkere banden ( 3 ). De
overwegende kleur van de baars is groen/goudachtig met zwarte banden.
De kleur van de ogen zijn bruin met een oranje achtige pupil.
Verspreiding: Algemeen. Komt in niet te troebele wateren algemeen
voor.
Bescherming Opgenomen in de Visserijwet.
Gesloten tijd: van 1 april tot de laatste zaterdag van mei. Het
is toegestaan in de periode van 1 juli tot 1 maart, voor het gebruik als
(dode) aasvis, maximaal 30 baarzen te bezitten met een lengte kleiner
dan 15 cm. Voor het IJsselmeer is het verboden meer dan 30 bovenmaatse
baarzen te bezitten.
Het lichaam van de baars is hoog en heeft een soort bultrug. De rugvin is in
tweeën gedeeld. Het voorste deel heeft stekels. Verder heeft de baars een stekel
aan het einde van de kieuwen. De schubben zijn klein en hard. De kleur van de
baars is bronskleurig tot geelgrijs op de flanken met donkere dwarsstrepen.
De eerste rugvin heeft achteraan een donkere vlek. De vinnen zij oranjerood.
Afhankelijk van de waterkwaliteit zijn de kleuren van de baars feller of fletser.
De baars wordt maximaal ongeveer 50 cm lang en 2 kg zwaar. De meeste baarzen
zijn een stuk kleiner.
Visstek
Baars leeft in bijna elk binnenwater, dat niet te vuil is. In de zomer zoekt
hij graag ondiep water op in de buurt van riet, vlonders, bruggen en duikers. 's Winters
trekt de baars zich terug in dieper water bij de bodem. In groot water jaagt
de baars graag in scholen aan het oppervlak. Dat is te zien aan springende kleine
visjes en meeuwen die duiken.
Voedsel
Eet allerlei dierlijk voedsel, maar boven een lengte van circa
15 cm vooral vis.
Ook baarzen zijn roofvissen en zij eten andere vissen en kikkers. De kleine baarzen
eten wormen, insekten, insektenlarven en kleine visjes.
Hoe baars te vangen
De baars staat bekend als een "jongensvis", omdat je hem tamelijk eenvoudig kunt
vangen met een vaste hengel en een vette worm aan de haak.
Grote baarzen zijn behoorlijk sterk. Ze trekken een te licht tuigje aan een vaste
hengel zo stuk. Gebruik daarom een hengel met een molen en een lijndikte van
18/00 of 20/00 millimeter. Als aas kan je kiezen uit wormen, maden, andere larven
en kunstaas. Goed te gebruiken kunstaas zijn spinners, twisters, kunstvliegen
en jigs.
Met kunstaas moet je met de werpmolen de lijn niet te snel en met wisselende
snelheden binnendraaien. De baars is veel langzamer dan bijvoorbeeld de snoek.
Vaak voel je hem eerst tegen het aas stoten, voordat hij toehapt.
baars - Perca fluviatilis

![]()

